Vertaalde onvertaalbaarheden

Dictionary of Untranslatables. A Philosophical Lexicon

Barbara Cassin, Emily Apter, Jacques Lezra & Michael Wood (red.)

Het is inmiddels tien jaar geleden dat er in Frankrijk een boek verscheen, waarin beoogd werd de hele traditie van de Westerse filosofie vanuit een ander, nog niet eerder gehanteerd, perspectief te bezien. Het ging niet om het werk van een enkele auteur, maar om een groot lexicon van onvertaalbaarheden dat onder redactie van de Franse filoloog en filosoof Barbara Cassin tot stand kwam. Aan deze Vocabulaire européen des philosophies. Dictionnaire des intraduisibles werkten Eric Alliez, Alain Badiou, Étienne Balibar, Catharine Malabou, Marie-José Mondzain en talloze anderen mee. In Frankrijk werd het een groot succes en nu is de Dictionnaire dan eindelijk in een Engelse vertaling uitgekomen. Een drietal redacteurs, Emily Apter, Jacques Lezra en Michael Wood – allen belangrijke vertegenwoordigers van de vergelijkende literatuurwetenschap – droegen zorg voor een werkelijk schitterende, vuistdikke uitgave van de Dictionary bij Princeton University Press. Voor deze Engelstalige uitgave hebben de redacteurs nog een aantal andere bekende namen tot een bijdrage bereid gevonden, zoals Judith Butler, Ben Kafka, Daniel Heller-Roazen, Gayatri Chakravorty Spivak en Immanuel Wallerstein. Het is een slimme zet, waarmee de aantrekkelijkheid voor met name de Amerikaanse, op theory georiënteerde lezer vergroot wordt.

Het is niet de enige truc waarmee het boek ‘in de markt’ wordt gezet. Eerder dit jaar verscheen bij Verso al Against World Literature van Apter, een boek dat in een groot aantal gelegenheidsessays de politiek van untranslatables behandelt. Dit boek, dat vooral vanwege de titel veel stof heeft doen opwaaien – de polemische lading zal iedereen die bekend is met het schisma in de Amerikaanse literatuurwetenschap niet ontgaan zijn – heeft de verwachtingen voor de Dictionary alleen nog maar verder opgeschroefd. Bovendien probeert Apter in verschillende case studies te illustreren hoe men de Dictionary kan inzetten voor politiek-literaire analyses, om daarmee ook alvast de voor de hand liggende vraag te beantwoorden: waarom een nieuw filosofisch lexicon?

Natuurlijk, er zijn al tal van filosofische lexicons verschenen; denk aan het zeer gedegen Geschichtliche Grundbegriffe (1972-1997), de recentere en uiterst bruikbare Ästhetische Grundbegriffe (1992-2005), of een van de andere filosofische woordenboeken en encyclopedieën waarmee geprobeerd wordt orde te scheppen in het begrippenapparaat van een discipline. Het doel van de Dictionnaire is echter zó anders dat deze publicatie meer dan gerechtvaardigd is. Het gaat bij dit lexicon niet zozeer om een historische verheldering van de linguïstische instrumenten waarmee een specifieke discipline te werk gaat als wel om een onderzoek naar begrippen die als kruispunten van disciplines fungeren. We komen termen tegen als Bild, Drive, Es, Gemüt, Politics, Représentation, Sensus communis, Svoboda en Tatsache, om slechts enkele lemma’s te noemen die deze Dictionnaire rijk is.

Het gaat hier om begrippen die steeds weer om een nieuwe vertaling vragen. Dat is althans de definitie die Cassin in het voorwoord geeft:

To speak of untranslatables in no way implies that the terms in question, or the expressions, the syntactical or grammatical turns, are not and cannot be translated: the untranslatable is rather what one keeps on (not) translating.

Een bekend, maar berucht probleem vormt bijvoorbeeld het Duitse Geist. Kunnen we dit eenvoudig vertalen met mind of esprit, of verliezen we dan een heel conceptueel en semantisch netwerk, terwijl een ander daarvoor in de plaats komt? Dit soort vertaalbewegingen en semantische verschuivingen worden in het lexicon uitvoerig in kaart gebracht. Het probeert daarmee een weg te vinden tussen de Scylla van een ‘universalism indifferent to languages’ en de Charybdis van een ontologisch nationalisme waarmee elke taal tot een essentie wordt teruggevoerd. De Dictionary beoogt de veelheid aan talen en de veelheid binnen een taal tot leidraad te maken. Met aandacht voor de continue vernieuwing binnen een taal, gaat ze in tegen de opvatting van een taal als artefact. En met de nadruk op differentie en verandering wil de Dictionary, zoals Cassin zelf terecht opmerkt, een cartografie van Europese en andere filosofische verschillen presenteren.

Het is een ambitieus project, waarbij gebruik wordt gemaakt van drie verschillende soorten lemma’s. Er zijn kleine lemma’s, zonder inhoud, die doorverwijzen naar andere vindplaatsen binnen het woordenboek. Zo wordt onder peace verwezen naar het lemma voor het Russische mir. Het merendeel van de lemma’s bestaat echter uit ‘word-based’ artikelen, lemma’s in een klassiekere zin. Dan is er nog een derde categorie die meer thematische bijdragen betreft. Denk daarbij bijvoorbeeld aan lemma’s over een aantal van de grote Europese talen. Zo vinden we bijdragen over het Engels, het Duits, het Latijn en, misschien wel de fascinerendste, een lemma over het Frans.

Deze laatste is om meer dan één reden interessant. Ze is geschreven door niemand minder dan Alain Badiou, maar belangrijker is dat dit lemma de taal betreft waarin de oorspronkelijk uitgave van de Dictionary verschenen is. Wellicht dat dit lemma ander licht kan doen schijnen op het project dat aan de Dictionnaire ten grondslag ligt. Anders geformuleerd: wat kan dit lemma ons leren over het oorspronkelijke project? En, zeker niet minder belangrijk: wat zegt dit lemma eigenlijk over de vertaling als zodanig? Het eerste wat de lezer aan dit lemma opvalt, zeker wanneer deze de door Cassin zo rustig geformuleerde ambities in gedachten houdt, is dat het blijk geeft van een defensief-chauvinistische toon. Badiou doet er alles aan om het Frans neer te zetten als de taal van de filosofie, of beter, van de politieke filosofie. Hij zet het Frans af tegen het Duits: ‘nothing managed to impel philosophy in France toward the hard German labor of opening words up, deriving their Indo-European roots, entreating them to mean “being” or “community”.’ Om te vervolgen met ‘France always laughed at what Paulhan called “proof by etymology”.’ Niet minder laatdunkend is hij wanneer hij het Engels beziet. Deze taal is voor hem rijk aan ‘descriptive and ironic resources’ en wordt gekenmerkt door een ‘marvelous texture of the surface, the argumentation always circumscribed’.

Badiou is duidelijk niet geporteerd voor de ontwijkende beschrijvingen van het Engels. De trots van de Franse filosofie schuilt niet in een oorsprong, maar wordt bepaald door de rijkdom van ideeën. Bovendien zijn filosofen sinds René Descartes in het Frans gaan schrijven vanwege politieke redenen. Het primaat van het Frans ligt volgens hem niet bij semantiek of etymologie, maar bij de syntaxis (deze maakt voor hem zelfs de ‘essence of language’ uit). Het Frans is, zo beweert hij, een taal van de beslissing die tot uiting komt in de syntaxis. Voor Badiou geen etymologische sofisterij of eindeloze speculaties, maar een veelheid aan frasen die verbonden wordt door ‘powerful propositional connections’. Het is een taal die de dingen naast elkaar plaatst en de zinnen eindeloos oprekt, een taal bovendien die uitermate geschikt is voor het democratische project van de filosofie: een filosofie die, zoals gezegd, niet terug te voeren is tot een oorsprong, maar die juist op alles en iedereen gericht is. Een interessant idee, maar de vraag is of het niet tegen ten minste de geest van Cassins project ingaat. Of moeten we het juist lezen als een kritiek op het project waarvan Badious tekst onderdeel vormt? Namelijk: het originele Franse project, waarin etymologie en semantiek de belangrijkste instrumentaria vormen.

Hoe anders is het lemma over de Duitse taal, geschreven door Jean-Pierre Lefebvre? Daarin wordt onderzocht hoe aan het begin van de negentiende eeuw het Duits als filosofische taal opkomt en hoe het met het werk van Georg Wilhelm Friedrich Hegel ook weer ten onder gaat. Het is een uiterst zorgvuldige analyse van de syntactische verschillen tussen de taal van Immanuel Kant en die van Hegel. Daarmee is het een lemma dat in vergelijking met dat van Badiou veel minder politiek, maar tegelijkertijd veel preciezer en informatiever is. En dat is toch de reden waarom men naar een dergelijk woordenboek grijpt.

Dit alles doet echter niets af aan de bruikbaarheid van de Dictionary en eigenlijk leidt een kanttekening als deze alleen maar af van de prachtige bijdragen aan dit boek. Het boek bevat ontzettend veel bruikbare analyses van untranslatables. Bijvoorbeeld het lemma over Welt, van de hand van Pascal David, dat ingaat op de onoverbrugbare kloof tussen Germaanse en Romaanse termen voor ‘wereld’. David vraagt zich af of er misschien een specifiek Germaanse ervaring of conceptie van de wereld is, welke dan terug te vinden zou zijn in het werk van Martin Heidegger. Wat dan volgt, is een etymologische Auseinandersetzung tussen het Franse monde en het Duitse Welt. Hier wordt duidelijk wat Badiou bedoelt wanneer hij schrijft dat de Franse vertaling van Heidegger onvoldoende duidelijk en heel monotoon is.

In zekere zin doet Dictionary of Untranslatables precies niet wat we wellicht van een dergelijk naslagwerk zouden verwachten. Het biedt geen antwoorden op bepaalde vertaalproblemen. Eerder problematiseert dit lexicon de begrippen waar iedere filosoof, literatuur- of cultuurwetenschapper mee werkt. Juist daarin schuilt ook de aantrekkingskracht van dit boek: het maakt de noodzaak tot verder doordenken van het eigen vocabularium goed duidelijk. Het woordenboek geeft niet alleen begripsgeschiedenissen, maar demonstreert ook hoe begrippen in bepaalde teksten – of het nu de Phänomenologie des Geistes (1807), Sein und Zeit (1927) of Critique de la raison dialectique (1960) betreft – functioneren en de kern van het filosofisch vertoog vormen. Ongeacht wat een enkele Franse taalessentialist ook mag beweren, is deze Dictionary een standaardwerk dat in de kast van iedere filosofielezer zou moeten staan.

Links

Princeton University Press, Princeton, 2014
ISBN 9780691138701
1344p.

Geplaatst op 15/07/2014

Deel:

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je reactie zal pas verschijnen na controle op spam. Dat kan een paar uren of dagen duren.