Proza, Signalement

De mooie traagheid van het ‘worden’ maar nooit ‘zijn’

Op weg naar De Hartz

Wessel te Gussinklo

Vorig jaar verscheen het vierde deel van de Ewout Meyster-reeks van de Utrechtse romanschrijver en essayist Wessel te Gussinklo (1941), bekend van onder andere de voor de AKO Literatuurprijs genomineerde roman Zeer helder licht (2014). Het is een opvallende cyclus – zoals Uitgeverij Koppernik de reeks zelf noemt – alleen al omdat de intervallen tussen de romans zo willekeurig lijken. Het begon in 1986 met De verboden tuin, dat in 1995 werd opgevolgd door De opdracht, waarna in 2019 De hoogstapelaar verscheen. In 2020 werd de reeks na 34 jaar afgesloten met de roman Op weg naar De Hartz, waarin het hoofdpersonage Ewout Meyster het eind van zijn tienerjaren heeft bereikt. De locaties in het boek wisselen elkaar af; in sommige passages is Ewout achttien jaar oud op het landgoed De Hartz, waar hij van plan is te gaan studeren en naar speeches van zijn grote psychologiehelden luistert. In andere passages is het vier jaar later en is Ewout de twintig net gepasseerd. Hij woont weer bij zijn moeder: van dat studeren is weinig terechtgekomen.

Lezers die bekend zijn met de reeks – waarvan de delen overigens los gelezen kunnen worden – weten dat Ewout continu bezig is met zijn eigen wording en, misschien nog wel belangrijker, met het effect dat hij op de mensen om hem heen heeft. Ewout blijft hier onverminderd mee bezig, ook nu hij ouder is – de overpeinzingen groeien met hem mee. In De hoogstapelaar (2019) spiegelde Ewout zich nog aan zijn helden – Roosevelt, Churchill, Sartre, de ‘grote mannen’ – en hield hij zich vooral bezig met hoe hij zijn colaatjes en sigaretten moest vasthouden om zijn vrienden te imponeren. In dit boek is dat nog steeds het geval, maar inmiddels is er een nieuwe grootheid binnen handbereik waar Ewout tegenop kan kijken: Somsen. Somsen is psycholoog en politiek adviseur en voornamelijk, althans, zo vermoedt de lezer, een nepperd. De onzekere Ewout, daarentegen, lijkt zich weinig bewust van de opgeklopte grandeur van de man die hem gaat helpen te ‘zijn’. Ewout is van plan Somsens assistent te worden en zijn nieuwe idool belooft hem te helpen met de publicatie van een debuutroman.

Voor deze debuutroman brengt Ewout avonden werkend door op zijn kamer en zijn schrijverij wordt almaar serieuzer. Hij wordt daarbij deels geïnspireerd door de eerste muze in zijn leven: de religieus opgevoede en achternaamloze, in eerste instantie weinig diepgaand beschreven Sylvia, die in de bibliotheek werkt waar hij vaak komt. Eerst weet Ewout niet goed wat hij met deze jonge vrouw moet, maar Somsen overtuigt hem en zegt dat de onzekerheid erbij hoort, bij zijn wording, anima/animus, et cetera – en Ewout volgt de man die hem leidt. Omdat Ewout zo graag wil ‘zijn’, ziet hij niet wat we als lezer wel zien: dat Somsen een heel andere agenda heeft dan het begeleiden van zijn assistent, dat hij de belichaming is van een giftige leider met behoefte aan een slachtoffer om in zijn greep kunnen hebben. Somsen is in die zin een traditionele leider zoals we die kennen uit andere ontwikkelingsromans. De lezer ziet wat er aan de hand is, maar weet ook dat Ewout dat niet weet, en die complexe dubbelzinnigheid van kennis zet Te Gussinklo in om de grootse schijn van Somsen en de onzekerheid van Ewout vorm te geven.

Maar niets kwam er van dat begeleiden naar hoofdsteden en naar congressen. Nee, eerst moest hij de basis leggen, had Somsen verklaard, discipline, indeling van de dag, zodat dat geen energie meer kostte. En vanuit die discipline, die heldere, vaststaande dagindeling moest hij zichzelf opbouwen. En dan pas, als dat allemaal vanzelf sprak…

Na een tijd maakt niet Ewout maar de psycholoog al zijn uren vrij voor Sylvia, die ‘beschadigd’ zou zijn. Hij geeft haar speciale zorg voor nare ervaringen in haar jeugd, die, zo weten we als lezer, haar voorzichtigheid in de hand werken – en bovendien behoorlijk legitiem zijn. Ewout, op zoek naar een meester, merkt hier weinig van en vaart op een haast religieuze manier mee op de allure van zijn grote voorbeeld.

Wat dit boek uitzonderlijk maakt, is de stijl. Niet slechts wat er inhoudelijk over Ewout geschreven wordt, zegt iets over hem, ook de verwoording hiervan is van invloed op het beeld van de leefwereld van het personage: de schrijfstijl hoort bij het verhaal, ondersteunt het, maakt het geloofwaardig. De auteur benoemt veel, herhaalt eindeloos, overpeinst continu, en door dat prisma van uitgebreide analyses zien we als lezer voor ons hoe Ewout moet zijn, staan, denken. Het veelvuldig gebruik van gedachtestreepjes, herhaling, komma’s, haken ((soms zelfs dubbele)) dwingt de lezer in een trage, onzekere cadans, die de geveinsde grootsheid en hierdoor ook het daadwerkelijke ongemak en vooral de naïviteit van Ewout illustreert. Dat het maar niet op de juiste manier werkt met Sylvia, dat zijn intellectuele reis naar De Hartz een mislukking blijkt en dat zijn goede oude vriend Meindert hem niet meer ziet staan naast de Grote Man Babinsky – de fictieve opvolger van Freud en Jung waar iedereen tegenop kijkt, zelfs Somsen – hoewel Ewout de wendingen continu analyseert, lijken hem evengoed vooral te overkomen. Zoals hier, wanneer Ewout aan Somsen vertelt over Sylvia:

Somsen draaide zich half opzij in zijn stoel teneinde naar hem, Ewout, te kijken. ‘Maar,’ zei hij, zijn blik ernstig en nadrukkelijk op hem, Ewout, gericht zijn ogen zoekend. ‘Ik wil haar – Sylvia hè – ik wil Sylvia eerst leren kennen voordat het zover is. Kijken of ze jou wel waard is, en natuurlijk ook: stoort ze je niet bij je groei en je opleiding’ (ja, die beloofde opleiding, kwam daar nog wat van), ‘en natuurlijk ook: jij, Ewout, bent heel kwetsbaar en bedreigd, dat weet je zelf ook, brengt ze jou geen schade toe, dat is belangrijk. Ik wil haar zien als het zover is, en ook met haar praten, het haar uitleggen, dat begrijp je wel.’ Ja, Somsen kon hij vertrouwen, dit zou goed komen[.]

Ewout lijkt te zien dat het allemaal wel erg lang duurt met zijn opleiding, en is het niet wat vreemd dat Somsen zijn Sylvia moet ontmoeten voordat hij contact kan aangaan? Maar zijn verlangen naar zijn leermeester is zo groot dat hij, verblind door de macht die binnen handbereik ligt, hier moedwillig, hoopvol, van lijkt weg te kijken. ‘Maar hij zou leren, hij zou worden. Wacht maar. Wacht maar. Geen grenzen zouden er zijn.’ Het zijn zinnen waar het boek bol van staat. Zo af en toe wordt deze herhaling vermoeiend, maar die gedachte is eigenlijk overbodig, juist omdat deze traagheid de aard van Ewouts karakter vormt. Omdat het personage zichzelf zo herhaaldelijk vertelt dat hij zal worden en zal zijn, zien we dat hij vooral nog niet is – en de moeite die het soms kost om dit te lezen, staat in dienst van de illustratie van de onzekerheid van het personage.

Op weg naar De Hartz is het eind van een zeer lijvige coming of age-reeks waarin we alles van Ewout zien: zijn gedachten en overwegingen, ‘maniertjes’, verlangens en bedenkingen. Toch voelt dat niet zo, juist omdat het worden zo centraal staat in het gedachtegoed van het hoofdpersonage – en vooral omdat hij niet voor zichzélf lijkt te leven, maar voor Somsen en de andere grootheden. Het doet je afvragen of dit een aspect van de jeugd is, en of het antwoord op die vraag er eigenlijk toe doet. Of Ewout zal ‘zijn’, ooit – we zullen het niet weten, maar misschien beantwoordt die vraag zichzelf al. Het einde van het boek belooft in ieder geval weinig goeds:

Geen liefde had hij meer, geen vrienden, plannen of zekerheden. Een woestijn was het. Hiroshima. Nooit zou hij meer iets geloven. Spot en hoon tegen alle overtuigingen, haat tegen alle zekerheden. Eenzaam zou hij zijn, en vertrouwen zou hij niets.

Tot er een nieuwe Somsen komt.

Een signalement door Sjoukje Croux over Op weg naar De Hartz van Wessel te Gussinklo.

Koppernik, Amsterdam, 2020
ISBN 9789083048079
472p.

Geplaatst op 14/08/2021

Tags: Ewout Meyster, Wessel te Gussinklo

Categorie: Proza, Signalement

Reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je reactie zal pas verschijnen na controle op spam. Dat kan een paar uren of dagen duren.